Feiten (en feitjes)

 


Ik ben geboren op 20 maart 1984 en woonde mijn hele leven in Wilrijk, totdat ik op eigen benen wilde staan in Antwerpen. Voordat ik kon schrijven, verzon ik al verhaaltjes en sprak die in op cassette. Toen ik eindelijk in het eerste leerjaar zat, ging er een wonderlijke wereld van lettertjes en schriften open. Ze werden goede vrienden voor de volgende héél veel jaren. Ik schreef vooral, in navolging van mijn favoriete genres toen, griezel- en horrorverhalen. Heksen, zombies, vampiers, weerwolven en volle maan.

Later leerde ik de historische jeugdromans van Thea Beckman, Jan Terlouw, Paul Kustermans, … kennen. Het verleden fascineerde me. En dat manifesteerde zich zowel in mijn verhalen als in mijn studies. 
Mijn griezelverhalen werden historische verhalen en op  mijn vijftiende schreef ik mijn eerste boek, Mist over het strand

Op school waren mijn lievelingsvakken geschiedenis en  Latijn. Ik was geboeid  door de verhalen over hoe mensen vroeger leefden en hield ervan om door het ontcijferen van teksten de Romeinse geschiedenis en cultuur steeds beter te leren kennen. 
In 2002 ging ik geschiedenis studeren aan de Universiteit Antwerpen, waar ik nog meer ondergedompeld werd in het verleden en leerde hoe je écht historisch onderzoek deed. Dat kon ik natuurlijk goed gebruiken voor mijn boeken! 



© Hélène Feyaerts, 2011

 

De microbe van het historisch onderzoek kreeg me stevig  te pakken en na mijn studies, begon ik aan mijn doctoraat over de Tweede Wereldoorlog. Dat nadert ondertussen zijn einde. Momenteel ben ik onderzoeker bij het historisch onderzoeksbureau Geheugen Collectief en werk ik aan de Universiteit Gent bij het Instituut voor Publieksgeschiedenis.  

Ik hou van het wroeten in het verleden, zowel voor mijn werk aan de universiteit en voor Geheugen Collectief als voor mijn boeken. De mensen van toen en hun wereld terug tot leven kunnen brengen, vind ik ontzettend intrigerend.

Jarenlang heb ik viool en toneel gespeeld en in de scouts gezeten, maar daarmee ben ik tijdens mijn studies, met pijn in het hart, gestopt. Toen ik in 2000 voor de eerste keer naar Afrika ging, heb ik daar een deel van mijn hart verloren. Sindsdien ben ik nauw betrokken bij enkele  ontwikkelingssamenwerkingsprojecten. Ik heb al verschillende reizen naar Afrika gemaakt, onder andere naar Burkina Faso en Senegal, en blijf gecharmeerd door de warmte, de creativiteit en de levenslust van de mensen daar.