De Lantaarnaansteker

Wat vindt de pers over De Lantaarnaansteker?

Boeken in de schoen

Speciaal voor Sinterklazen met keuzestress selecteerden we drie prachtige kinder- en jeugdboeken. Blije gezichtjes op 6 december gegarandeerd.

Weinig schrijvers voor kinderen beschreven de eenzaamheid van een winternacht zo beeldend als Hans ­Christian Andersen in zijn “Meisje met de zwavelstokjes.” De ­lantaarnaansteker ademt de romantische sfeer van de Deense sprookjesschrijver in zowel de tekst als de illustraties. Het verhaal speelt zich af in een negentiende-eeuwse stad, waar een man ’s avonds de lichtjes van de gaslantaarns aanmaakt terwijl de sneeuw buiten de straten bedekt. ‘Zo laat hij een spoor van licht na’, legt de verteller uit. Dat licht krijgt naast een letterlijke ook een figuurlijke betekenis. Op zijn hoge stelten kan de lantaarnaansteker in elk huis naar binnen kijken, en daar ziet hij heel wat verdriet: een meisje dat alleen speelt terwijl haar vader altijd werkt, een wanhopige echtgenoot die waakt bij het bed van zijn doodzieke vrouw, een Afrikaanse man die de woorden in de krant niet begrijpt en zijn familie mist. De lantaarnaansteker ligt ervan wakker en besluit zijn eenzame stadsgenoten met brieven wat dichter bij elkaar te brengen. Hij zorgt ervoor dat ze een avond samen aan tafel schuiven en dat er vriendschappen gesloten worden die hun leed weliswaar niet geheel ledigen, maar toch licht brengen in hun leven. Het verhaal van Aline Sax is niet alleen schatplichtig aan Andersen, maar bevat ook knipogen naar Roald Dahl. Wanneer de lantaarnaansteker bij het kleine meisje aanklopt, doet ze hem denken aan een reus – terwijl ze zelf lijkt op ­Sophie die door de Grote Vriendelijke Reus uit haar bed gelicht wordt. Op zijn schouders draagt hij haar naar een oud echtpaar dat hun kind verloren is en waar ze mee aan tafel kan schuiven.

De realistische prenten van Ann De Bode spelen met effecten van licht en donker, en wisselen close-ups van de personages mooi af met impressies van het straatbeeld en details uit de kamers. Net als sommige delen van de tekst flirten sommige illustraties met het sentimentele: het meisje dat verbaasd opkijkt terwijl de sneeuw buiten valt, het hondje dat de lantaarnaansteker met grote ogen aankijkt – ze spelen al te duidelijk in op het gemoed. Auteur en illustratrice vinden echter een geslaagde balans doordat het verhaal ook veel wezenlijks ongezegd laat. De tekst zwijgt af en toe om de beelden te laten spreken. De in detail uitgewerkte illustraties worden afgewisseld met schetsen die verdriet en geluk een groter gevoel van authenticiteit geven. Het gelukkige einde van het verhaal heeft bovendien een tragisch kantje: in tegenstelling tot de mensen die hij verbonden heeft, blijft de lantaarnaansteker alleen. De laatste prent vormt een spiegel van een eerder beeld waarop hij rusteloos in bed lag te peinzen. Na de uitvoering van zijn plan heeft hij blijkbaar de slaap gevonden. Die nachtrust wordt voorgesteld als zijn grootste beloning, al kan de lezer hopen dat hij ooit mee mag aanschuiven bij de mensen die hij heeft samengebracht.

Vanessa Joosen, De Standaard, 30 november 2018

***

Een spoor van licht

In deze donkere, koude dagen omringen mensen zich graag met familie en andere geliefden. Dit is niet voor iedereen vanzelfsprekend, want het is niet overal rozengeur en maneschijn. Daarover schreven Aline Sax en Ann de Bode een beeldig boek: De lantaarnaansteker.

Het beroep van lantaarnaansteker is inmiddels uitgestorven, want dat was vroeger een persoon die de op gas of olie werkende straatlantaarns aanstak, meestal met behulp van een lange stok. Inmiddels is de laatste lantaarnopsteker al sinds 1957 met pensioen, maar dit prachtige boek brengt hem in de donkere dagen voor kerst weer even tot leven. De aansteker in dit verhaal loopt op hoge stelten door de stad en laat een spoor van licht achter. ‘Elke avond, als het donker wordt, hoor je getik op straat. TIK TOK … TIK TOK. Alsof een dier op lange poten voorzichtig door de straten trippelt. Het is de lantaarnaansteker.’
De lantaarnaansteker is een bijzonder fraai geïllustreerd boek. Bovendien is het qua formaat geen boek zoals alle andere, want het is zó lang dat net niet in de boekenkast past. De vorm staat symbool voor de lange stelten van de hoofdpersoon. Het verhaal is makkelijk te lezen, de teksten zijn niet te lang en ook zeker niet te kort. Dit staat mooi in verhouding tot elkaar en maakt het voor kinderen vanaf 9 jaar heel aantrekkelijk om te lezen.

De lantaarnopsteker mag dan een uitgestorven beroep zijn, het samenbrengen van mensen is wel een actueel en hartverwarmend thema. Elk huisje heeft zijn kruisje en omdat hij overal naar binnen kijkt, kent hij de stad en haar bewoners goed. Zo ziet hij een jonge vrouw wachten op haar geliefde, zit een meisje eenzaam op de rand van haar bed omdat haar vader altijd aan het werk is en staat een man zijn zieke vrouw bij. En zo is er in veel huizen eenzaamheid, verdriet en pijn.
Toch zit er een bijzondere twist in het verhaal, want het is alles behalve een sprookje. De aansteker bedenkt een mooie, actuele en realistische oplossing om mensen met elkaar te verbinden. Daardoor is het een kinderboek waarbij ook volwassen lezers kippenvel krijgen, mede door de illustraties waar het gevoel vanaf spat. Op sommige momenten zegt beeld meer dan duizend woorden en Aline Sax en Ann de Bode hebben voor het samenspel van tekst en illustraties buitengewoon goed samengewerkt. Een boek dat gelezen moet worden. Door iedereen.

Aefke ten Hagen, Boekenkrant, 3 december 2018.

***

De Lantaarnaansteker

Dan ben je in je vierenzestigste levensjaar beland, zijn boeken een constante in dat leven en zou je denken dat je niet alles maar toch wel al heel veel soorten boeken gezien hebt. Sommige zijn grappig, andere brengen kennis bij en andere kluisteren je vast aan je stoel om die met een zucht verweesd op ‘t eind dicht te slaan. En dan plots komt er eentje waarbij je heel stil wordt, waarbij de haren op mijn armen rechtop kwamen staan en ik ergens in mijn keel iets voelde dichtsnoeren.

‘De lantaarnaansteker’ blokkeerde mij even en plaatste mij in een cocon waar mijn omgeving niet kon doordringen. Zelden bracht een boek mij in deze toestand. Is dit kunst? Is dit emotie? Ik weet het niet maar dit jeugdboek raakte mij wel heel diep.

Het aparte smalle rechtopstaande formaat is niet zomaar gekozen, neen want dit is het verhaal van de lantaarnaansteker op stelten. En een steltenloper die staat hoog. Het verhaal moet ergens in de winter plaatsvinden want op de prachtige cover licht de warme adem van de lantaarnopsteker op, diep in de mist. De hond, symbool van trouw kijkt mij aan zoals alleen een hond kan. Samen met het zwierige lettertype waan ik mij in het negentiende-eeuwse Londen.

Op de eerste pagina van het verhaal lees je:
Elke avond, als het donder wordt hoor je getik op straat.
TIK TOK … TIK TOK
Alsof een dier op lange poten voorzichtig door de straten trippelt. Het is de lantaarnopsteker. Op hoge stelten loopt hij door de stad. Bij elke lantaarn blijft hij staan. Hij draait aan het gaswieltje En steekt de wiek aan. Zo laat hij een spoor van licht na.
TIK TOK … TIK TOK

Lees dat maar eens voor aan je kind of je klasgroep, zij zitten gegarandeerd op het puntje van hun stoel. De bijpassende paginagrote tekening met detail van de gaslantaarn is een schitterende voortzetting van de cover. De koude slaat om je neus. De volgende pagina dwaal je als de lantaarnopsteker door de avondlijke straten en zie je vanuit het stelten perspectief iedereen naar huis gaan, naar arme huizen en ook naar rijke huizen. Je voelt al aan dat dit een wonderlijk verhaal gaat worden. En dan kwam het moment dat mijn haren rechtop kwamen te staan.Maar hij ziet ook andere dingen. Hij ziet een de jonge vrouw aan het raam

De combinatie van de zo fijn gekozen woorden van Aline Sax en de diep droevige blik van het meisje zo mooi en zacht in beeld gebracht door Ann de Bode raakten mij diep in mijn hart. Niet alleen mij maar ook de lantaarnopsteker en er komt meer want de daaropvolgende pagina’s zijn emotionele opdoffers van eenzaamheid, verdriet, angst en verlies verscholen achter aangedampt glas en gordijnen. En alleen de lantaarnaansteker op stelten kan dit zien, hard.

De lantaarnopsteker heeft het er moeilijk mee, je ziet het in zijn ogen ergens halfweg in een ongelooflijk mooie close up als hij doorheen de koude zijn werk doet. Maar de lantaarnaansteker is een goed man en hij heeft een plan. Die nacht kan de lantaarnaansteker niet slapen en schrijft een brief, meer brieven en ook een tekening. De volgende avond sneeuwt het nog harder en is het nog kouder. Maar de lantaarnaansteker laat zich niet van zijn plan afbrengen.

Wat volgt is een warm verhaal van een goed man die mensen bij elkaar brengt, hoop creëert en mensenlevens van op afstand doorheen elkaar strengelt.

Wie mij kent weet dat ik geen oude zielenpoot ben maar het opnieuw inkijken en beschrijven wat dit boek met mij deed en waarom ik hier ondersteboven van was maakt opnieuw mijn ogen licht vochtig.

Weet je, als mooie woorden van een woordkunstenares versmelten met prachtige illustraties van een beeldkunstenares dan ontstaat er een nieuw eeuwenoud sprookje dat moet gelezen en verteld worden om de kilheid in onze maatschappij terug te dringen.
Dankjewel, Aline Sax & Ann De Bode

Jan Stevens – Boekensite Gent, januari 2019

***

De Lantaarnaansteker

De eerste blik op de omslag van dit boek maakt meteen duidelijk dat deze lantaarnaansteker een bijzondere man is. In profiel stapt hij op zijn stelten door de witblauwe sneeuw. Hij trotseert met serene blik de kou en houdt zijn lange jas met één hand stevig dicht terwijl zijn adem zichtbaar is in de koude winterlucht. De speciale vorm van het boek, een smalle, hoge, opstaande rechthoek, benadrukt knap zijn rijzige gestalte en geeft hem tegelijkertijd iets majestueus en mysterieus.

Zo doorkruist de lantaarnaansteker elke avond de stad en steekt de wiek van de lantaarns aan. Ondertussen kijkt hij door de ramen naar binnen. Hij kent dus de stad en haar bewoners door en door. Enkele situaties baren hem zorgen. Zo is er de jonge vrouw die eenzaam wacht op haar geliefde en het kleine meisje dat voor zichzelf moet zorgen, hunkerend naar haar hardwerkende vader. Ook de uitzichtloze situatie van de man en zijn zieke vrouw snijdt de lantaarnaansteker door zijn ziel, evenals de eenzaamheid van de vreemdeling, die niets van zijn omgeving begrijpt. En dan is er nog het oude, ongewild kinderloze koppel, voor wie elk geloof in de toekomst vervlogen lijkt.

Op een avond rijpt een plan in zijn hoofd om deze eenzame stadsbewoners uit hun isolement te halen. Wanneer hij de volgende avond aan zijn ronde begint, bezorgt hij de vreemdeling een getekend stadsplan en de jonge vrouw een brief. Het kleine meisje zet hij hoog op zijn schouders, geeft ook haar een brief en brengt haar naar het kinderloze koppel. Daarna gaat hij, kou en sneeuw trotserend, geduldig wachten bij het huis van de man en zijn zieke vrouw. Hij ziet ze één voor één binnendruppelen: het kinderloze koppel met het kleine meisje, de jonge vrouw en tot slot ook de vreemdeling. Ze eten samen, genieten van elkaars gezelschap en beseffen heel goed wie hen samenbracht. De lantaarnaansteker gaat ondertussen weer op weg om de hele stad te verlichten.

Historica Aline Sax profileert de lantaarnaansteker als een beschermengel die de stad letterlijk van bovenaf overschouwt. Hij heeft niet alleen oog voor de sociaal zwakkere inwoners, maar probeert hun lot op zijn eigen manier ook te verbeteren. Een vergelijking met de verhalen over Jezus is niet ver te zoeken en wordt nog versterkt door het feit hij werkelijk licht brengt in de duisternis.

Het plan van de lantaarnaansteker schuift aanvankelijk net iets te vlot in elkaar. Alle genodigden reppen zich, zonder zich veel vragen te stellen, naar het huis van de zieke vrouw en ze hebben een heerlijke avond samen. Heel even lijkt het verhaal af te stevenen op een zeemzoet happy end. Maar dan beschrijft Sax hoe de lantaarnaansteker na die ene avond door de ramen kijkt en wel degelijk beseft dat de situatie van de bewoners in de kern onveranderd is. Maar ze hebben tenminste de weg gevonden naar elkaar en kunnen nu af en toe bij elkaar op adem komen. En de kleine sprankeltjes hoop die hij kon geven in dergelijke uitzichtloze situaties, schenken de lantaarnaansteker innerlijke rust.

Ann De Bode schept in haar illustraties meteen de perfecte sfeer voor dit winterverhaal. Zo werpen we in het begin van het boek vanuit vogelvluchtperspectief een blik op een besneeuwde straat bij valavond. Ondanks het late uur is het druk. Een paardenkoets trekt een lang spoor in het smetteloze wit, heren met hoge hoeden wandelen statig langs, een vrouw in lange rokken en met een omslagdoek om loopt met een rieten mand de straat uit en enkele kwajongens spelen vrolijk in de sneeuw. Smeedijzeren straatlantaarns met kunstige krullen verlichten dit tafereel met een mysterieus geelwit licht. Je wordt echt meegezogen naar de tijd van Dickens.

De Bodes knappe uitwerking van emoties is werkelijk fascinerend. Wanneer de lantaarnaansteker zijn plan uitdoktert, staart hij de lezer met een nadenkende, vermoeide blik aan vanuit zijn bed, de armen achter het hoofd gevouwen. De kringen onder zijn ogen zijn duidelijk zichtbaar net als de spanning in zijn kaken, zijn mond is slechts een dunne streep. Op het laatste blad is hij in diepe slaap, een hand naast zich op het kussen. Alle spanning is uit zijn gezicht verdwenen. Zo’n einde heeft geen woorden nodig.

Katrien Maris – MappaLibri, Jeugdboeken nr. 2, februari 2019.

***